Het verdrag van Den Haag is in onze historie erg belangrijk geworden, maar waarom is het eigenlijk opgericht?

Spread the love

Het Verdrag van Den Haag inzake de burgerrechtelijke aspecten van internationale kinderontvoering is een internationaal verdrag dat door meer dan tachtig landen is ondertekend. Het bepaalt dat een kind dat naar het buitenland wordt gebracht of daar wordt vastgehouden zonder toestemming van een persoon die volgens het recht van de “gewone verblijfplaats” van het kind “het gezagsrecht” over het kind heeft, moet worden teruggestuurd naar de gewone verblijfplaats, tenzij een van de zes uitzonderingen van toepassing is.

Wat is ICARA?

In de Verenigde Staten is het verdrag in het recht opgenomen door de International Child Abduction Remedies Act, bekend als “ICARA”. Die wet geeft de staats- en federale rechtbanken tegelijkertijd de bevoegdheid om Haagse zaken te behandelen. De wet voorziet ook in de bewijslast voor het voeren van Haagse rechtszaken. Daarnaast bepaalt de wet dat als een verzoekschrift succesvol is, de ouder die een kind van zijn of haar gewone verblijfplaats heeft weggehaald, de juridische kosten en reiskosten van de verzoekende ouder moet betalen.

Het doel van het Haags Verdrag

De V.S. Het Hooggerechtshof heeft verklaard dat het doel van het Verdrag is “het voorkomen van schade als gevolg van ontvoeringen” die “verwoestende gevolgen kunnen hebben voor een kind” en “een van de ergste vormen van kindermisbruik” kunnen zijn die “psychologische problemen kunnen veroorzaken, variĆ«rend van depressie en acute stressstoornis tot posttraumatische stressstoornis en identiteitsvormingskwesties” en kunnen leiden tot een kind dat “verlies van gemeenschap en stabiliteit” ervaart, wat leidt tot eenzaamheid, boosheid en angst voor verlating” en “kan voorkomen dat het kind een relatie vormt met de achterblijvende ouder, wat het vermogen van het kind om volwassen te worden aantast.”

De kernbegrippen in het Verdrag van Den Haag

1. “Bewakingsrecht” in het Verdrag van Den Haag

Een indiener in een Haagse zaak moet aantonen dat hij of zij een “hoederecht” had over het kind volgens het recht van de gewone verblijfplaats van het kind. Dit vereist niet dat er een gezagsrechtelijk bevel moet zijn geweest voordat het kind werd meegenomen.

  • Het betekent dat de wet in kwestie de indiener van het verzoekschrift bepaalde rechten heeft gegeven die voldoende zijn om een gezagsrecht te vormen. Het Hooggerechtshof van de Verenigde Staten heeft geoordeeld dat het recht van een ouder om internationale reizen te voorkomen, bekend als een “ne exeat recht”, een “hoederecht” is in de zin van het Verdrag.

2. “Gewone verblijfplaats” in het Verdrag van Den Haag

Het sleutelbegrip “gewone verblijfplaats” wordt in het verdrag niet gedefinieerd.

In veel gerechtelijke circuits in de Verenigde Staten bestaat er een zwaar vermoeden dat de gewone verblijfplaats van een kind moet worden bepaald door “de laatste gezamenlijke bedoeling” van de ouders van het kind, tenzij duidelijk wordt aangetoond dat het kind is geacclimatiseerd in een ander rechtsgebied.

  • De rechterlijke instanties in andere kringen kijken in de eerste plaats naar de positie van het kind dat objectief wordt beoordeeld zonder rekening te houden met de bedoeling van de ouders. Veel Haagse zaken worden gewonnen of verloren op basis van de toepassing van de concurrerende benaderingen van de vaak ingewikkelde feiten van bepaalde internationale situaties.